1.
Het ter beschikking stellen van informatie en documentatie via de opvoedingswinkel
De opvoedingswinkel is het uithangbord en meest laagdrempelige initiatief van vzw PAS. In de rekken vind je algemene informatie over allerlei opvoedings- en ontwikkelingsthema’s: de ontwikkeling van baby tot adolescent, informatie over zindelijkheidstraining, informatie en tips in geval van eet- en slaapproblemen, straffen en belonen, de leefwereld van pubers, .... De folders, tijdschriften en brochures kunnen ter plaatse ingekeken of meegenomen worden. De ruimte is kindvriendelijk ingericht met een speelhoek . Kinderen en jongeren kunnen hier terecht terwijl hun ouders een gesprek hebben met een opvoedingsconsulent.
De opvoedingswinkel is er voor àlle ouders en opvoedingsverantwoordelijken uit de regio van Genk met vragen over het ouderschap, de ontwikkeling of het opvoeden en opgroeien van hun kinderen.
Je kan er snel terecht met je vragen; bovendien is het aanbod gratis en beslis je zelf wanneer je voldoende geholpen bent.
Discretie is gegarandeerd.
De winkel is gelegen in de Grotestraat 31, in het centrum van Genk en vlot bereikbaar. Er is een grote etalage die uitnodigt om naar binnen te stappen.
We trachten het aanbod van de opvoedingswinkel op talrijke manieren bekend te maken bij de Genkenaren. Dat gebeurt aan de hand van de website, de folders en brochures, een overzichtskalender van het groepsaanbod, de '3600' (Stadskrant van Genk), Genk TV, artikels in tijdschriften of weekkrant. We ontvangen graag bezoekers die toevallig passeren, maar organiseren ook op vraag rondleidingen en uitleg over de werking van de winkel voor groepen studenten, beroepskrachten of verenigingen.
Tijdens de openingsuren is een opvoedingsconsulent permanent aanwezig om ouders te ontvangen, te luisteren naar hun verhaal en hen wegwijs te maken in het meest aangewezen ondersteuningsaanbod.
De opvoedingswinkel is minimaal elke weekdag open in de namiddag van 13.00u-17.00u. Dinsdagavond kan je terecht tot 19.00u. Donderdag- én zaterdagvoormiddag is de winkel open van 9.00u-12.00u. Tijdens schoolvakanties is er geen avond- en weekendpermanentie.
Je kan ons ook telefonisch (089/36 79 40) of digitaal (info@opvoedingswinkel.be ) bereiken voor info of advies.
De interventie moet zo vroeg mogelijk beginnen (kinderen tussen 1 en 2,5 jaar): warme toeleiding naar kleuterschool ifv ‘kleuterparticipatie’ in nauwe samenwerking met netwerkpartners oa Kind en Gezin
De interventie moet zich richten op betrokkenheid en participatie van ouders én kinderen: ouders ondertekenen gezamenlijk een engagementsverklaring om het programma volledig uit te doen; bij alle oefeningen staat de interactie tussen ouder en kind centraal met oog op ‘beter toegerust’ zijn bij aanvang kleuteronderwijs
De intensiteit van de interventie moet hoog én veilig zijn: ouders worden wekelijks bezocht of bij mekaar geroepen gedurende 48 weken; dit gebeurt middels de inzet van een contactmedewerkster die naast de taal van de deelnemende gezinnen ook het Nederlands perfect beheerst
De programmadoelen dienen goed gedefinieerd te worden en gericht op de ontwikkelingsgebieden van het jonge kind die de leervoorwaarden bevorderen: het programma is inhoudelijk opgebouwd rondom verschillende ontwikkelingsgebieden: veiligheid en hechting, taal- en spelontwikkeling, autonomie en socialisatie, verstandelijke ontwikkeling, ….De concrete interventies zijn telkens opgebouwd rondom 4 cruciale vuistregels die impact hebben op de onderwijskansen van kinderen.
Strategie en begeleiding dienen zo goed mogelijk aan te sluiten bij normen en waarden van thuiscultuur indien het gaat om etnische minderheden: programma vindt plaats in de sterkst aanwezige thuistaal.
Een goede structuur is een voorwaarde voor succes van het programma: het programma is in licentie aangekocht door de Stad Genk van het Nederlands Jeugd Instituut en het totale programma-verloop is geprotocoleerd en dient systematisch gevolgd te worden.
De contactmedewerksters worden permanent opgeleid, getraind en gecoacht door de projectcoördinator (introductietraining, wekelijkse coaching, functiegerichte training en een persoonlijke loopbaanbegeleiding.
3.
Het organiseren van groepsgerichte opvoedingsondersteuning aan de hand van themabijeenkomsten, oudercursussen en trainingen naar ouders en/of kinderen.
Themabijeenkomsten
Op regelmatige basis organiseren we eenmalige bijeenkomsten voor ouders/opvoedingsverantwoordelijken over onderwerpen die te maken hebben met de opvoeding en ontwikkeling van kinderen en jongeren. Ze worden meestal georganiseerd in samenwerking met onze netwerkpartners en vinden zowel plaats in de opvoedingswinkel als in basisvoorzieningen in de verschillende Genkse wijken of daarbuiten. Vaak is er sprake van samenwerking tussen scholen, ouderverenigingen, kinderdagverblijven, consultatiebureaus, socio-culturele verenigingen,... Soms zijn ze ook gekoppeld aan andere programma’s (Speel’wij, Babbel’ma, een vadergroep, Wiebel kriebel,…) of vinden ze plaats in de vorm van huiskamergesprekken: de themabijeenkomst vindt dan plaats bij een ouder thuis waarbij de gastvrouw verantwoordelijk is voor het samenbrengen van een groep belangstellende ouders of vriendinnen, meestal uit haar eigen netwerk. De thema's kiezen ouders meestal zelf.
Eenmalige themabijeenkomsten bieden ouders de gelegenheid om kennis te maken met het fenomeen ‘praten over opvoeding’ vanuit een bepaalde invalshoek en kunnen ook een brug slaan naar andere activiteiten op het gebied van opvoedingsondersteuning.
Verschillende ontwikkelingsfasen en bijzonderheden in de opvoeding worden aangekaart: ’voor het eerst op potje’, ‘voor het eerst naar school’, druk gedrag, opvoeden in nieuw samengestelde gezinnen, peuterpuberteit, faalangst, verwenning, multi-media en opvoeding, opvoedingsstress tussen 4 en 6,…
Naast een eigen aanbod bestaat er ruimte om in te gaan op vragen naar specifieke thema's.
Oudercursussen
Wij omschrijven oudercursussen als een serie van ten minste 3 bijeenkomsten voor ouders met een vaste groep deelnemers. De cursussen zijn gericht op ouders die vragen hebben over de opvoeding en op ouders met lichte opvoedingsproblemen. Deelnemers aan deze cursussen waarderen vooral de informatie en de nieuwe inzichten die worden aangereikt over opvoeden en opgroeien. Anderzijds leren ze heel veel van mekaar en staat het contact met andere ouders hoog in het vaandel.
De steun die ouders van elkaar ervaren wordt heel positief beschouwd: “het is goed te horen dat andere ouders dezelfde vragen hadden. Ik had ook veel aan de tips over hoe zij de opvoeding hadden aangepakt, soms hele praktische dingen”. Aan de hand van interactieve methodieken is er veel gelegenheid om te reflecteren over de eigen opvoedingsaanpak; de cursussen zijn een bevestiging van hun ouderschap. Verder wordt er ook voldoende veiligheid gecreëerd om te oefenen met nieuwe ouderlijke vaardigheden.
De oudercursussen vinden meestal plaats in de opvoedingswinkel; ‘op vraag’ kan dat ook elders. De begeleiding gebeurt door één of meerdere opvoedingsconsulenten of door partners uit het netwerk. Een overzicht vind je telkens in de actuele vormingskalender.
Oudertraining
Een oudertraining is een intensieve en gestructureerde vorm van groepsgerichte opvoedingsondersteuning. De training voor ouders loopt naast een traject voor het kind zelf. Ouders worden als ‘mediator’ getraind om thuis de problemen van hun kind te veranderen. Het uitgangspunt voor het direct inschakelen van de ouders bij de begeleiding van problemen, is dat veel problemen niet los gedacht kunnen worden van de omgeving waarin kinderen dagelijks leven en opgroeien.
In een oudertraining leren ouders stapsgewijs verschillende opvoedingsvaardigheden en nieuwe inzichten door kennisoverdracht, oefeningen, rollenspel en huiswerkopdrachten. Het thuis in praktijk brengen van het geleerde vormt een belangrijk onderdeel van een oudertraining.
Sinds 2003 bieden we de training ‘ik heb een maat-je’ aan: een training voor ouders en kinderen met overgewicht
In samenwerking met een kinderarts, een kinesiste, een diëtiste van Ziekenhuis Oost-Limburg en een opvoedingsconsulent realiseren we het programma ‘Ik heb een maatje’. Dit trainingsprogramma voor kinderen van 8-12 jaar met overgewicht en hun ouders beoogt geen gewichtsverlies op zich maar een permanente gedragsverandering in het eet- en bewegingspatroon van het kind/jongere.
Het trainingsprogramma is gebaseerd op het Gentse model (Braet, Van Leeuwen).
De aanmelding verloopt steeds via de kinderarts. Door middel van een medische screening stelt hij de graad van overgewicht vast en de mate waarin het overgewicht bepaald wordt door genetische of andere factoren. Na het bezoek aan de kinderarts zien de ouders en het kind de diëtiste voor een voedingsanamnese. Tenslotte volgt er een gesprek met de opvoedingsconsulent om zicht te krijgen op de beleving en de aanpak van het overgewicht in de dagdagelijkse opvoeding. Belangrijk in dit gesprek is de aandacht voor eventuele aanwezigheid van emotionele, gedrags - of gezinsproblemen naast het overgewicht. In een teamoverleg beslist men uiteindelijk wie deelneemt.
‘Ik heb een maatje’ is een intensief trainingsprogramma waaraan zowel ouders als kinderen deelnemen. Beide groepen komen tien maal samen.
De kinderen hebben om de 14 dagen op woensdagnamiddag gedurende twee uur training.
Het eerste uur wordt er op een speelse manier gewerkt rond voeding: ‘Wat is gezonde voeding?’ ‘Wat zijn de voedingsgewoonten in het gezin?’, ‘Welke momenten zijn moeilijk en wat zijn mijn alternatieven?’ Ook aandachtspunten zoals ‘hoe ga je om met pesterijen?’ zijn thema’s die aan bod komen. Er worden verschillende probleemoplossende technieken aangeleerd en kinderen worden er bewust van dat ze hulp en steun kunnen en moeten vragen. Aan het einde van elke sessie geeft men huiswerk. De volgende sessie start steeds met een bespreking van deze huiswerkopdracht.
Tijdens het tweede uur komt het bewegingsaspect aan bod. Belangrijk hierbij is kinderen opnieuw aan beweging te laten wennen en aan de slag te gaan met oefeningen in een veilige omgeving. Samen met hen en hun ouders tracht men het activiteitenniveau tijdens de week te verhogen en lichaamsbeweging terug een plaats te geven in de opvoeding. Wekelijks gaan zwemmen, dansen of een andere sport is een bijkomend doel.
De ouders komen gelijktijdig met de kinderen één uur samen.
Samen met de opvoedingsconsulent en de diëtiste (die ook de kindergroep begeleiden) worden de gemaakte afspraken met de kinderen ook overlopen met de ouders. Daarnaast worden ouders ondersteund in hun pedagogische aanpak van het overgewicht van hun kind. ‘Waar wordt er gegeten?’, ‘Wat staat er in een doorsnee koelkast?’, ‘Wat kan je verwachten van kinderen van die leeftijd?’, 'Hoe kan je hen motiveren en aanmoedigen?‘, 'En op welke manier stel je het beste grenzen aan het eetgedrag van je kind?’…
Het programma is intensief, niet gratis en vraagt inzet van het hele gezin. Vooraleer kinderen en hun ouders instappen wordt er gepeild naar hun motivatie en engagement voor de training in zijn totaliteit. De kostprijs voor het volledige programma, bestaande uit tien oudersessies, tien kindsessies en het didactisch materiaal is 150 euro. De terugkomsessies kosten 8 euro per bijeenkomst. Voor ouders met een krappe financiële situatie kan een tussenkomst van het OCMW worden voorzien.
Minder gaan wegen of afvallen is niet hét hoofddoel van de training! De kinderen groeien in deze leeftijdsfase nog volop en 'behoud van het gewicht' beschouwen we als een positief resultaat. We ervaren dat de kinderen een sterker zelfbeeld en zelfvertrouwen ontwikkelen en dat ze terug deelnemen aan sportieve en sociale activiteiten. Bovendien hebben we de ervaring dat het algemene gezinsklimaat verbetert.
Tel: 089/36.79.40 en 089/36.79.41
Vaders nemen het voortouw
De opvoedingswinkel in samenwerking met netwerkpartner CEP (Cel Educatieve Projecten) werkt van bij het prille begin met Marokkaanse vaders rond opvoedings- en onderwijsthema's. Dit proces heeft al een hele weg afgelegd en kreeg telkens een andere vorm of aanpak steeds in nauw overleg met de vragen, behoeften of ideeën van de deelnemers zelf.
Oorspronkelijk startte dit project met de vadergroep Maarifa in de wijk Sledderlo en Kolderbos, in nauwe samenwerking met de moskee.
In 2008 werd Maarifa op eigen verzoek van de vaders omgedoopt naar het project ‘Vaders nemen het voortouw’. Elk jaar zochten we naar nieuwe werkvormen waarbij de vaders alsmaar meer betrokken waren en sterker participeerden. Van een vrijblijvende praatgroep zijn we geëvolueerd naar een kerngroep van jongere vaders (2de en 3de generatie, maar ook nieuwkomers) die een vastomlijnd programma hebben, consequent deelnemen en op een zeer open manier 'debatteren' over de toekomst en het welzijn van hun eigen kinderen, groot en klein.
Het zijn meestal dertigers, hoger opgeleid, tewerkgesteld, allemaal woonachtig in Genk, maar verspreid over de verschillende Genkse wijken.
In 2009 kwamen zij gedurende 12 zondagnamiddagen samen in de opvoedingswinkel om te discussiëren en te reflecteren over 'het vaderschap' en de toekomst van hun kinderen. Deze gesprekken werden begeleid door een tandem van 2 Marokkaanse begeleiders.
Geen enkel thema gingen ze uit de weg: hun eigen opvoedingsgeschiedenis en de zoektocht naar een nieuwe invulling van hun 'vaderrol', het belang van ouderbetrokkenheid, de impact van migratie of van religie op opvoeding en onderwijs, de hindernissen die ze tegen komen tijdens het parcours dat ze met hun jongeren afleggen, de mislukte schoolcarrières, de integratie die niet vanzelf lukt, de ontoereikendheid of afwezigheid van communicatie, ...
Discussies gingen in het begin over 'de anderen': de school, de straat, de Belgen, de overheid, het racisme. De anderen die voor de oplossingen van problemen moeten zorgen, voor gelijke kansen en voor een betere toekomst.
Gaandeweg de gesprekken ging het alsmaar meer over 'wij': de Marokkaanse gemeenschap, onze eigen taboes, problemen die binnenskamers gehouden worden, de hooggespannen verwachtingen voor zonen of dochters die dreigen te mislukken, de eigen verantwoordelijkheid van de gemeenschap, van elk gezin en van 'onszelf' om het verschil te maken,...
Om tenslotte te komen tot nieuwe inzichten en het besluit dat er zal samengewerkt en gecommuniceerd moet worden om tot oplossingen te komen voor een betere toekomst. Opvoeden doe je immers niet alleen!
"Niemand buiten weet dat wij hier de wereld aan het verbeteren zijn", merkten de vaders zelf op aan het einde van de bijeenkomsten. Vanuit die vaststelling kwamen ze op het idee om gezamenlijk een Debatavond te organiseren. Bedoeling hiervan was om 'hun' leerproces open te trekken naar de grotere gemeenschap, naar lotgenoten, om hen wakker te schudden; maar ook naar beleidsmensen en andere geïnteresseerden om hen te tonen dat ze niet bij de pakken blijven zitten. Dat de vaders zich wel degelijk bewust zijn van de ernst van wat er gebeurt met hun kinderen en jongeren en zich hiervoor mee verantwoordelijk voelen. Anderzijds wensten ze een appèl te doen naar iedereen om een positieve boodschap uit te dragen: de hoop niet opgeven en blijven zoeken naar oplossingen of verbeteringen mits dialoog en samenwerking.
Dit Debat krijgt opvolging in de vorm van kleinere, verdiepende gesprekstafels "in gesprek met vaders". Via een achttal gesprekstafels nodigen zij telkens vertegenwoordigers uit om met hen in dialoog te gaan om problemen beter te analyseren en greep te krijgen op een mogelijke aanpak of antwoorden. Op die manier nodigen zij de Genkse jeugd uit, het onderwijs, beleidsmakers en politici en maken zij kennis met programma's zoals Youth At Risk. Een complex probleem kent geen eenvoudige oplossing.(terug)
5. Het organiseren van een Inloopteam KOM'MA in de vorm van onthaal en ontmoeting, vorming en
individuele ondersteuning.







Een waaier van opvoedingsondersteunend aanbod, projecten en programma’s verdeeld over 9 clusters.
Het organiseren van pedagogisch advies in de vorm van spreekuren, kortdurende thuisbegeleiding
en begeleide doorverwijzing.
van themabijeenkomsten, oudercursussen en trainingen.
specifieke noden en behoeften.
Het organiseren van een Inloopteam KOM'MA in de vorm van onthaal en ontmoeting, vorming en individuele ondersteuning.


Het organiseren van ontwikkelingsstimulering via het programma Instapje
leerkrachten indien het fout dreigt te lopen thuis en op school
Het aanbieden van langdurige intensieve opvoedingsondersteuning aan huis bij multi-problem gezinnen
indien problemen halsstarrig en complex zijn: opzet
Opglabbeek en Zutendaal
In wat volgt beschrijven we iedere cluster meer uitgebreid. Klik hiervoor op de vet gedrukte tekst van de cluster die u wil bekijken.
8.
Het aanbieden van langdurige intensieve opvoedingsondersteuning aan huis bij multi - problem gezinnen indien problemen halsstarrig en complex zijn: Opzet
Opzet staat voor Orthopedagogische Zorg en Training. In tegenstelling tot de meeste werkingen van de opvoedingswinkel staat deze module voor een intensieve, langdurige begeleiding aan huis. Bestemd voor gezinnen in Genk met een hoeveelheid aan problemen, waarvan opvoeding er één is. Een aanpak op maat wordt samen met het gezin uitgewerkt, in samenwerking met andere hulpverleners of diensten.
OrthoPedagogische Zorg En Training (OPZET) biedt intensieve opvoedingsondersteuning aan huis voor Genkse gezinnen met kinderen tussen 0 en 18 jaar. Gezinnen met een ernstig risico op achterstelling op uiteenlopende levensdomeinen: financieel, tewerkstelling, onderwijs, gezondheid, huisvesting, … De situatie van onze doelgroep wordt gekenmerkt door de chronische, langdurige en complexe aard van problemen, vaak gecumuleerd over verschillende levensdomeinen. Verandering is een moeizaam proces. Een indicator die we hanteren is dat op minstens 3 levensdomeinen problemen ervaren worden.
De werking van Opzet is gericht naar kinderen, hun gezin en hun onmiddellijke leefomgeving. Centraal hierin is ons aanbod gericht op opvoedingsondersteuning, vaak verweven met psychosociale ondersteuning. Hiervoor hebben wij aandacht voor de samenwerking met ouders, oog voor de loyaliteit tussen ouder en kind en proberen we ouders zelf zoveel als mogelijk hun oudertaken te laten vervullen.
Door advies en training geven we opvoeding terug een vooraanstaande plek en verstevigen we de pedagogische draagkracht van ouders in hun gezin. Uitgaande van aanwezige krachten en competenties gaan we op zoek naar mogelijkheden tot herstel van de zelfsturing van de betrokkenen. We vertrekken vanuit een out-reachende, activerende, integrale benaderingswijze en vanuit een gedachtengoed dat gebaseerd is op empowerment.
We werken in het gezin, in het territorium van ouders en kinderen met de daar geldende normen en waarden. Een traject start bij het eerste contact met het gezin. De introductie in het gezin gebeurt door de verwijzer: het OCMW, het CLB, de school, de opvoedingswinkel, huisartsen of kinderartsen, het CGG, KPC, Comité voor Bijzondere Jeugdzorg, de Jeugdrechtbank, …
In de eerste periode staat een uitgebreide kennismaking centraal (gezinsanamnese, probleeminzicht, krachten en competenties, sociaal netwerk, aanwezige hulpbronnen en hulpverleners,…).
Na deze eerste fase nemen wij deel aan een overleg waarbij alle betrokken hulpverlenende diensten rond tafel zitten, samen met de ouders: een Lokaal Cliënt Overleg (LCO).
Hier worden afspraken gemaakt volgens het maatzorgprincipe.
De duurtijd van een opzet- traject varieert tussen 3 maanden en meerdere jaren, al dan niet onderbroken, afhankelijk van de noden van dit gezin. Gemiddelde begeleidingsduur is 18 tot 22 maanden.
We hebben een capaciteit van 30 gezinnen, op jaarbasis betekent dit dat we in ruim 40 verschillende gezinnen actief zijn.
4.
Het organiseren van ‘buurtprogramma’s op maat’ voor moeilijk bereikbare doelgroepen of specifieke noden en behoeften.
"Opvoedingsondersteuning is ondersteunend meelopen" schrijft J. Hermanns, hoogleraar uit Nederland.
Moeilijk bereikbare of maatschappelijk kwetsbare ouders worden bereikt door aantrekkelijk aanbod dat niet stigmatiseert; met een attitude van respect en vertrouwen; door persoonlijk, sensitief en volhardend contact; inspelend op de actuele vragen en behoeften van de ouder én de eigen kracht versterkend.
Centraal in onze buurtprogramma’s staan een aantal succesvolle aanknopingspunten in het werken met ‘moeilijk bereikbare’ gezinnen en hun kinderen:
Samenwerking met deze doelgroep vraagt van de opvoedingsconsulent een kritische reflectie op zijn eigen
referentiekader, dialoog met de ouders vanuit respect en het opbouwen van een vertrouwensrelatie
Vertrouwen is nodig vooraleer ouders gaan 'toevertrouwen': geleidelijkaan krijg je zicht op de werkelijke
behoeften aan ondersteuning van deze ouders
Aansluiten bij hun competenties: niet enkel aandacht voor tekorten, maar vooral voor de krachten, de
mogelijkheden en de kansen.
Vergroten van hun draagkracht: succesvolle 'ouder'- ervaringen versterken hun zelfvertrouwen.
Sociale steun en netwerkversterking is een sterke buffer tegen stress en een optelsom aan problemen
Outreachende en vindplaatsgerichte werkwijze: aanbod organiseren waar de mensen leven en opvoeden
of opgroeien en waar ontmoeten centraal staat.
Samenwerken met lokale netwerken, sleutelfiguren, paraprofessionals of vrijwilligers
Speel’Wij
Speel’Wij is een groepsgericht buurtprogramma met een focus op opvoedingsondersteuning, ontwikkelingsstimulering en ontmoeting voor ouders met kinderen tussen 0 tot 3 jaar. Het programma is in oorsprong geïnspireerd op de Maison Vertes van ‘Dolto’ en 't Huis der Gezinnen in Anderlecht.
Speel'Wij is een ervaringsgericht programma waarbij ouders en kinderen in de voorschoolse leeftijd wekelijks samenkomen met hun peuters: spelen, babbelen, ontmoeten, lachen en leren van mekaar zijn vaste ingrediënten.
Speel’Wij is een coproductie tussen Kind en Gezin, CGG en de Opvoedingswinkel. Het programma situeert zich in twee Genkse wijken met een hoog risicoprofiel (aantal geboortes in kansarme gzinnen, opleidingsniveau ouders, tewerkstellingsgraad, thuistaal niet Nederlands,...): Kolderbos en Sledderlo. Sinds kort zijn ook de buurtscholen actief betrokken partners om de overgang naar het kleuteronderwijs zo vlot mogelijk te laten verlopen.
De concrete werking houdt in dat (groot)ouders mét kinderen onder de drie jaar elke week één voormiddag komen spelen in Speel”Wij’. De ruimte is vanzelfsprekend zeer kindvriendelijk met een ruim en gevarieerd spelaanbod.
De sterkte van dit project is dat er steeds professionals (een kinderpsychologe, een regioverpleegkundige en een opvoedingsconsulent) aanwezig zijn in dit laagdrempelig buurtprogramma. Op een zeer informele manier kijken ze samen met de moeders/grootmoeders naar de ontwikkeling van de peuters of gaan ze in op de talrijke opvoedingsvragen die ouders ter plaatse stellen: over eten, spreken, slapen, verzorging, troosten, zindelijkheid, spelen, luisteren,...
De aanwezigheid van een kleuterleidster geeft nog een extra dimensie aan het programma. Het effect hiervan is dat de ouder én peuter de juf na een tijdje kennen en vertrouwen waardoor de overgang naar de kleuterschool een stuk gemakkelijker verloopt .
Van elk kind wordt in overleg met de ouder een peutervolgsysteem bijgehouden dat op regelmatige basis wordt besproken. Het informele gesprek hierover geeft de ouder na verloop van tijd concrete kapstokken én woorden om naar de ontwikkeling van hun kinderen te kijken.
Speel’Wij wordt wekelijks georganiseerd met een minimum aan regels, gemiddeld zo'n 35 weken op jaarbasis. Naast samen komen spelen en babbelen is er een gemeenschappelijk fruitmoment voorzien.
Belangrijke spelregel is dat ouders de eerste verantwoordelijke zijn en blijven, ook in geval van oa. conflictsituaties tussen 2 peuters. Speel'Wij biedt de ouders, na verloop van tijd, veilige oefenmomenten aan op vlak van spelen en samenspelen, het experimenteren met grenzen stellen, praten over de leuke en minder leuke kanten van het ouderschap, migratie, relaties, het welbevinden in de wijk, schoolkeuze,....
Naast ontwikkelingsstimulering en opvoedingsondersteuning betekent Speel’Wij voor veel moeders een tastbare uitbreiding van hun sociaal netwerk, wat soms tot nieuwe vriendschappen kan leiden. Een belangrijke rol hierin speelt de vrijwilligster die optreedt als ‘gastvrouw’ voor de moeders, zeker en vast voor het warme onthaal van nieuwe ouders. Daarenboven helpt ze wekelijks bij de praktische organisatie en is zij ook diegene die buiten het programma moeders uit de wijk aanspreekt als een echte ambassadrice.
Verbonden en gegroeid vanuit Speel’Wij’ bestaat de moedergroep ‘Moeders Onder Elkaar’. Aanvullend aan het wekelijkse ontmoetingsmoment komen zij regelmatig samen in groep (zonder kinderen of met kinderopvang) om zich te verdiepen in allerleid opvoedings- en ontwikkelingsthema's.
Een bescheiden actie - onderzoek leerde ons dat kinderen die deelnemen aan Speel’Wij significant hoger scoren op ‘welbevinden’ van het kleutervolgsysteem (CEGO) bij aanvang van de kleuterschool in vergelijking met niet - Speel’Wij kinderen. Dat zij verder ook hoger scoorden op ‘betrokkenheid’ en ‘competenties’ (echter niet significant) is een hart onder de riem voor de vele medewerkers en deelnemers van dit buurtprogramma.(terug)
Babbel’ma
Het buurtprogramma Babbel'ma werd opgestart in de Genkse wijk Winterslag. De inhoud en aanpak van Babbel'ma is geïnspireerd op het opvoedingsondersteunend programma Home-Start. De keuze om hier individueel te werken via huisbezoeken gebeurde op basis van herhaalde mislukkingen van groepsgericht aanbod in betreffende wijk.
Opvoedingsondersteuning én sociale netwerkversterking via een vaste vrijwilliger die op huisbezoek gaat bij moeders staat centraal in Home-start en in ons Babbel’ma-programma.
Bedoeling van Babbel'ma is om moeders met jonge kinderen te ondersteunen op het vlak van opvoeding, heel ruim geïnterpreteerd. De ondersteuning kan zowel informatief, emotioneel als praktisch van aard zijn. Uniek aan het project is dat deze ondersteuning in hoofdzaak gebeurd door vrijwilligers. Deze vrijwilligers zijn zelf moeders (van Turkse, Marokkaanse en Belgische afkomst) die als ervaringsdeskundige en als een soort supporter aan de kantlijn staan of meedoen. "Een vriendin mét beroepsgeheim" benoemen ze als hun eigen sterkte!
Concreet betekent dit dat elke babbelmama zo’n vijftal vrouwen wekelijks of tweewekelijks bezoekt. Babbelen over de gezondheid van de kinderen, hoe ze het op school doen, hun kommer en kwel eens kwijtkunnen of gezellig een tasje koffie of thee drinken: het heeft vaak een ontspannend of ontlastend effect op de moeders. Meermaals werd aangetoond bij Home-Start dat deze huisbezoeken een positief effect hebben op het competentiegevoel van de ouder é op de opvoeding .
Belangrijk is dat de moeders die in aanmerking komen voor een Babbel’ma geen zware opvoedingsproblemen hebben maar gewone alledaagse vragen. Komen er tijdens de gesprekken zwaardere problemen aan de oppervlakte dan schakelt de Babbel'ma de hulp in van de coaches (professionele opvoedingsconsulenten van de opvoedingswinkel).
Momenteel werken we met 5 Babbel'ma's waarvan er 4 op huisbezoek gaan. Allen hebben ze bij aanvang een beknopte opleiding gehad, is er een wekelijks coaching voorzien en komen ze tweewekelijks samen tijdens een intervisie over gedeelde en actuele thema's.
Een 5de Babbel'ma introduceert sinds september 2010 het wekelijkse Babbel'ma - moment ism een opvoedingsconsulent: een ontmoetingsruimte voor ouders met kinderen uit de buurt.
Bij afsluiting van de huisbezoeken (jongste kind van het gezin is ouder dan 6 jaar, vergelijkbaar aan de Home-start criteria) kregen we de vraag van de gastgezinnen naar een mogelijke opvolging om mekaar alsnog te ontmoeten: "We missen het contact". Na overleg op wijk-niveau startten we met dit nieuwe initiatief als antwoord op hun vraag. Tevens is het Babbel'ma-moment ook een geschikte plek voor nieuwkomers die het initiatief van Babbel'ma nog niet kennen of voor moeders die omwille van diverse redenen liever ingaan op dit groepsgerichte ontmoetingsaanbod ipv de huisbezoeken.
De Babbel’ ma’ s beschikken over een uitgebreide spelkoffer en ontlenen graag speelgoed aan de gezinnen. Ze introduceren het speelgoed, leggen uit hoe het werkt en nodigen de moeders uit om samen te spelen.
De Babbel’ma’s sluiten zoveel mogelijk aan op de leefwereld van de moeders en breiden die gevoelig uit met hun eigen ervaringen, kennis en inzichten. Dat kan gaan over ouderschap, migratie, opvoeding, ontwikkeling, school, vrijetijd en veiligheid van de kinderen.
Regelmatig wordt er ook vorming georganiseerd waarbij àlle gast-moeders én deelnemers aan het Babbel'ma-moment worden uitgenodigd. Thema-bijeenkomsten over waarden en normen, straffen en belonen, zindelijkheid, eet- en slaapproblemen, vrijetijdsbesteding,....worden 'op vraag' georganiseerd.(terug)
7.
Het organiseren van pedagogische trajecten voor jongeren, hun ouders en hun leerkrachten indien het fout dreigt te lopen thuis en op school.
Niet alle kinderen en jongeren groeien op met dezelfde competenties of onder dezelfde gunstige omstandigheden. Sommige jongeren vertonen reeds op jonge leeftijd probleemgedrag dat sociaal-emotioneel is van aard. Dit probleemgedrag kan belemmerend of risicovol zijn voor hun eigen ontwikkelingstraject, voor hun onmiddellijke omgeving of op latere leeftijd zelfs voor de samenleving. Deze jongens en meisjes vallen uit op school, thuis of in hun vrije tijd omwille van uiteenlopende redenen. Sommigen dreigen in een neerwaartse spiraal van gedragsproblemen te verzeilen, anderen missen hierdoor heel wat belangrijke ontplooiingskansen.
De opvoedingswinkel organiseert in samenwerking met De uitdaging (een project van de stad Genk) een preventief opvoedingsondersteunend programma voor deze kwetsbare jongeren: de pedagogische trajecten.
De pedagogische trajecten richten zich tot alle Genkse jongeren tussen 8 en 15 jaar met sociaal-emotioneel probleemgedrag, hun ouder(s) en hun school. Dit probleemgedrag kan zich voordoen op verschillende gebieden en kan op verschillende manieren tot uiting komen: storend gedrag in de klas, impulsief of agressief reageren, een negatief zelfbeeld of gebrek aan zelfvertrouwen, talrijke conflicten met ouders, leekrachten of leeftijdsgenoten, timide of faalangstige houding, schoolresultaten die plots achteruitgaan, een gebrek aan motivatie voor studie of activiteiten in de vrije tijd, teruggetrokken of stiekem gedrag, pesten of zelf gepest worden,....
De pedagogische trajecten zijn gekenmerkt door hun multimodale aanpak: er wordt gewerkt met de verschillende systemen waar het probleemgedrag zich voordoet; dit komt de effectiviteit ten goede en de effecten zijn bovendien duurzamer.
Toegepast op dit project vinden er interventies plaats naar :
de ouders: in de vorm van het ondersteunen en oefenen van ouderlijke vaardigheden zodat zij op een positieve manier kunnen opvoeden en het verstevigen van de communicatie met de school.
de kinderen/jongeren: in de vorm van trainen zelfcontrole en probleemoplossende vaardigheden, uitbreiding van gezonde vrijetijdsbesteding en contact met leeftijdsgenoten; het herorganiseren of stabiliseren van de schoolloopbaan
de leerkrachten: in de vorm van ondersteuning naar positieve en motiverende pedagogische vaardigheden op individueel en op klasniveau (klasmanagement), versterken van de communicatie tussen de school en het gezin.
Theoretisch zijn de pedagogische trajecten gebaseerd op uitgangspunten van het competentiemodel, de cognitieve gedragstherapie en op sociale netwerkversterking. Met behulp van deze ontwikkelingsgerichte aanpak trachten we de sociaal - emotionele vaardigheden en competenties van de jongere te versterken.
In dit sociale competentiemodel (Slot en Spanjaard, 1999) worden jongeren competent genoemd als ze over voldoende vaardigheden beschikken om de ontwikkelingstaken waarmee ze in het dagelijkse leven geconfronteerd worden op adequate wijze te kunnen vervullen. Ontwikkelingstaken horen normaliter bij een bepaalde leeftijdsfase en vragen van een persoon bepaalde gedragingen.
Uitgangsprincipes van effectieve cognitief gedragstherapeutische programma's worden waar nodig geïntegreerd in de pedagogische trajecten:
training in sociale en probleemoplossende vaardigheden,
training van cognitieve vaardigheden (bvb. stop, denk, doe),
het veranderen van ongezonde cognities of gedachten naar reële en gezonde gedachten,
het eigen gedrag inschatten en antipiceren op de gevolgen hiervan,
het moreel leren redeneren,....
Werkwijze
Aanmelding
Aanmelding van deze jongeren gebeurt steeds in onderlinge overeenstemming tussen ouders en school. Concreet kan de aanmelding in de opvoedingswinkel gebeuren door de ouder, de school of het CLB.
Indicaties voor aanmelding:
Leeftijd 8-15 jaar
woonachtig in Genk
schoollopen in Genkse school
schoollopen in school die door Genks CLB’s wordt begeleid
schoollopen in het (buiten)gewone onderwijs
met instemming en engagement van ouders en school.
Intakefase
De intake gebeurt aan de hand van een 3-tal gesprekken met alle 3 de partijen. Centraal hierin staan de kennismaking, het expliciteren van elkaars verwachtingen, de opbouw van een werkrelatie, een eerste beeld en inzicht van de opvoedingssituatie en probleemverkenning.
Aan het einde van deze fase wordt gezamenlijk een beslissing genomen over de zinvolheid en de meerwaarde van een traject en over de vorm van het traject: enkel een individueel traject, of een combinatie met een groepsgericht traject. Afronding van deze intakefase gebeurt bij formulering van concrete en heldere doelen, zowel voor het individuele luik als voor het eventuele groepsluik.
Het individuele luik
We organiseren een 10-tal intensieve contacten met de jongere en zijn ouders en een 5-tal contacten met de school. De inhoud en de vorm van deze contacten/gesprekken zijn gebaseerd op gezamenlijk gestelde doelen en wensen tot verandering. Er vinden 3 overlegmomenten plaats met alle actoren: bij de start, een tussentijdse evaluatie en een evaluatiegesprek aan het einde. Na de tussentijdse evaluatie kunnen de doelen eventueel nog bijgestuurd worden.
Methodisch kiezen we voor een combinatie van huisbezoeken, winkelgesprekken en op pad gaan buitenshuis met de jongeren. Actieve werkvormen krijgen de voorkeur in de vorm van 'verwandelen', rollenspelen, voordoen, nadoen en feedback geven, huiswerkopdrachten.
Het groepsaanbod:
In het groepsaanbod werken we leeftijdsgebonden, een kindergroep (8 -11 jaar) en een pubergroep (12-15 jaar). Deze acties zijn gebaseerd op het model van outdoor-education en ervaringsleren. Veel aandacht gaat uit naar samenwerkingsopdrachten, concreet ervaren, actie en reflectie, begripsvorming en actief experimenteren. De groepsactiviteiten bieden een veilig kader voor een tryout van allerlei leerprocessen: relaties, groepsdruk, gezag, gevoelens, prosociaal gedrag, impulscontrole,…
Elk groepstraject is opgebouwd uit:
een kennismakingsavond met de ouders en de kinderen die deelnemen
6 activiteiten
een 2de ouderavond
een meerdaags kamp in de Ardennen
4 activiteiten en tenslotte
een terugkomdag
afronding na 3 à 4 maanden met een eindevaluatie met alle betrokken partijen, verdere aandachtspunten begeleide doorverwijzing of nazorg (tot maximum 3 maanden na traject)
2.
Het organiseren van pedagogisch advies in de vorm van spreekuren, kortdurende thuisbegeleiding en begeleide doorverwijzing
Pedagogisch advies omvat kortdurende ondersteuning van ouders en opvoedingsverantwoordelijken bij opvoedingsvragen en -problemen.
Kenmerkend voor pedagogische advisering is een vraaggerichte werkwijze in combinatie met een concrete én praktische aanpak. We maken gebruik van de methodische uitgangspunten van opvoedingsondersteuning beschreven in verschillende publicaties en handboeken (G. Blokland, 'Over opvoeden gesproken', Utrecht: NIZW, 1998).
Het lukt soms niet….
Om hem alleen in bed te krijgen; hij komt steeds terug naar beneden
Om mijn kinderen voldoende gezonde voeding te leren eten; geen groenten, geen koek?
Om zonder ruzie te praten met onze 15-jarige over zijn overdreven wensen…
Om samen met mijn (ex-) partner het eens te worden over beslissingen wat wel en niet mag…
Om alles georganiseerd te krijgen als alleenstaande ouder en opvoeden dan ook nog leuk te vinden…
Om niet heel erg ongerust te zijn als zij stinkend naar rook thuiskomt van de verjaardagsfuif…
Om even rust in huis te hebben met mijn bazige en drukke kleuter…
Om kalm te blijven bij het zoveelste slecht rapport…
Om het belang van de kinderen bovenaan te zetten tijdens onze heftige echtscheiding…
Iedere ouder stelt zich wel eens gelijkaardige vragen bij de opvoeding van zijn kinderen. Het is eigen aan opvoeden dat er soms spanningen zijn of twijfels.
Soms is een kort winkelgesprek onvoldoende en heb je meer behoefte aan iemand die van op een afstand met je meedenkt en meezoekt naar nieuwe inzichten, een andere aanpak of helpt bij een oplossing voor je opvoedingsprobleem.
Basisregel is dat ouders die zich aanmelden binnen de 7 werkdagen terechtkunnen voor een gesprek; in geval van hoge nood kan dit reeds dezelfde dag.
Ouders kunnen elke dag zonder afspraak terecht tijdens de openingsuren, of op afspraak ook ’s avonds of tijdens het weekend. Voor het maken van een afspraak wordt er rekening gehouden met de agenda van de ouder en van de opvoedingsconsulent.
De opvoedingsconsulent onthaalt de ouder gastvrij en maakt onmiddellijk tijd vrij als cliënten binnenkomen.
Indien verwijzers (huisartsen, leerkrachten, …) de drempel voor ouders om contact te nemen willen verlagen, kunnen zij tijdens het eerste gesprek meekomen, enkel indien dit de uitdrukkelijke wens is van de ouder.
Spreekuren kunnen tussentijds telefonisch of per mail opgevolgd worden. Indien wenselijk of aangewezen behoort een huisbezoek of kortdurende thuisbegeleiding binnen Genk ook tot de mogelijkheid.
Het ondersteuningsaanbod is ‘vraaggericht’ en kortdurend. In maximum 5 tot 6 gesprekken gaan we samen met de ouder op zoek naar een duidelijk beeld van het probleem en inzicht in het probleem om dan te komen tot een advies op maat.
Heel wat sorteerschema’s en theoretische kaders worden gebruikt om een rangorde te maken tussen dringende, lastige of belangrijke problemen. Deze problemen worden altijd gesitueerd ten aanzien van de normale ontwikkelingstaken van de jongeren, de opvoedingspatronen én de realiteit van het gezin of de omgeving waar men opgroeit. De keuze van probleemaanpak wordt bepaald door de agenda van het gezin. De opvoedingsconsulent zal indien dit niet indruist tegen de veiligheid en de ontplooiingskansen van het kind zoveel mogelijk verdergaan op de voorgestelde aanpak en haalbare oplossingen van de ouders.
Erkenning van de ouder als eerste opvoedingsverantwoordelijke en gelijkwaardigheid tussen ouder en opvoedingsconsulent is een basisvoorwaarde voor een goed pedagogisch advies. De vragen en behoeften van de ouder ‘hier en nu’ zijn steeds richtinggevend voor de ondersteuning. Indien we tussentijds of aan het einde van de gesprekken in overleg met de ouder besluiten dat de vraag té complex is of dat er meer gespecialiseerde hulp vereist is, zullen we begeleid doorverwijzen.
Het theoretisch kader van waaruit gewerkt wordt is oa. een verzameling van systeemgericht werken (Belsky), de theorie van hechting, de cognitieve en sociale leertheorie én het balansmodel. De context waarin de dagdagelijkse opvoeding plaatsvindt is een zeer belangrijk gegeven dat wordt meegenomen zowel in de beeldvorming als in de aanpak van het probleem. Beleving van ouders en het gedrag van kinderen in het hier en nu staan centraal.
Afhankelijk van het thema waarrond gewerkt wordt, de leeftijd van de kinderen en de kwaliteit van de relatie kunnen kinderen en jongeren deelnemen aan de gesprekken. Indien het een meerwaarde is kunnen er ook (deel)sessies met kinderen individueel georganiseerd worden.
Het uiteindelijke doel van de gesprekken is dat ouders zichzelf competenter voelen en dat de opvoeding thuis terug hanteerbaar is.
9. Het realiseren van intergemeentelijke samenwerking in As, Opglabbeek en Zutendaal
Volgens het decreet opvoedingsondersteuning van juli 2007 (www.expoo.be) hebben de opvoedingswinkels
in de centrumsteden minimum de opdracht ouders en opvoedingsverantwoordelijken te ondersteunen
bij opvoedingsvragen of -problemen in de centrumstad zelf; liefst hebben zij ook uitstraling naar gezinnen
die wonen in omliggende gemeenten.
Vzw PAS/opvoedingswinkel Genk ondertekende in deze context einde 2009 drie
samenwerkingsakkoorden met As, Opglabbeek en Zutendaal om ‘licht’ opvoedingsondersteunend
aanbod te ontwikkelen voor elke ouder ter plaatse ‘om de hoek’. Concreet worden er in elke gemeente
opvoedingsconsulenten gedurende 1 dag per week ingezet met het doel opvoedingsondersteuning te
realiseren in nauwe samenwerking met alle plaatselijke actoren en netwerken. Deze werking wordt financieel
mogelijk gemaakt door de bijdragen van de Provincie Limburg, samen met de respectievelijke gemeentelijke
bijdragen op jaarbasis. De dagelijkse aansturing van deze intergemeentelijke samenwerking gebeurt door het
bovenlokaal overleg opvoedingsondersteuning GAOZ. Het is een beleidsplatform met bevoegde Schepenen,
OCMW-voorzitters, lokale ambtenaren, het steunpunt opvoedingsondersteuning en vertegenwoordigers van
vzw PAS. Dit overlegplatform wordt voorgezeten door een Vlaamse Coördinator opvoedingsondersteuning
die de samenwerkingsakkoorden en het proces van implementatie in de verschillende gemeenten opvolgt.
De ontwikkeling van een lokaal netwerk opvoedingsondersteuning , de gezamenlijke visie-ontwikkeling over
inhoud en aanpak van opvoedingsondersteuning, de zoektocht naar een zichtbare en toegankelijke
opvoedingswinkel als uithangbord van de loketfunctie,…een proces dat stapsgewijs en geleidelijkaan
gerealiseerd wordt.
In elk van bovenstaande gemeente is men gestart met een verkenningsronde naar de aanwezigheid van
mogelijke netwerken, sleutelfiguren, overlegmogelijkheden en relevante diensten, verenigingen of
vindplaatsen van ouders en andere opvoedingsverantwoordelijkheden.
Deze voorbereidingsfase resulteerde medio 2010 in een actieplan op niveau van elke gemeente.
Sinds mei 2010 zijn de eerste concrete realisaties van start gegaan: het zoeken en inrichten van een
geschikte locatie, beslissingen over welke functies van opvoedingsondersteuning prioriteit krijgen
(spreekuren, groepsaanbod, intervisie en advisering van beroepsopvoeders,…), keuzes worden gemaakt
op vlak van concrete activiteiten (een gezinsbeurs, ouderavonden ‘voor het eerst naar school’,
omgaan met pubers, straffen en belonen,…) en men zoekt naar kanalen voor promotie en bekendmaking
van het aanbod. Een gemeenschappelijke folder over de opvoedingswinkel GAOZ werd ontwikkeld
en zoveel mogelijk verspreid. De eerste tussentijdse evaluaties op niveau van het beleidsplatform
laten verstaan dat er nog een hele weg te gaan is.
‘It takes a whole village to raise a child’ betekent ook hier letterlijk én figuurlijk dat alle mogelijke
ambassadeurs en toeleiders, netwerken, hulpbronnen en aanknopingspunten maximaal ingezet
en aangesproken moeten worden. Eén opvoedingsconsulent gedurende 1 dag in de week kan
alleen het verschil in de gemeente niet maken. Opvoeden doe je samen en opvoedingsondersteuning
aanbieden is een gedeelde verantwoordelijkheid. Dit laatste is een gedeelde opdracht en een
toekomstige uitdaging voor de intergemeentelijke samenwerking in 2011. Sensibiliseren over
het belang en het aanbod opvoedingsondersteuning én alle ouders de weg wijzen naar het
concrete aanbod is de grootste huidige ambitie.
Openingsuren, adressen en gebruik, klik op onderstaande link en/of folder











































6.
Het organiseren van ontwikkelingsstimulering via het programma Instapje
Instapje is een wetenschappelijk goed onderbouwd ontwikkelingsstimuleringsprogramma (1991). Het is ontstaan omdat de schoolprestaties van kinderen uit lagere sociaal economische klasse ver onder het gemiddelde lagen waardoor de kans op maatschappelijk succes en participatie betekenisvol afneemt.
Instapje heeft als doel de onderwijskansen te bevorderen van kinderen van laaggeschoolde ouders richt zich op de ouders met de jongste doelgroep kleuters tussen 1 en 2,5 jaar.
Door Instapje wordt de omgang tussen ouder en kind bevorderd. Dat wil zeggen dat ouders hun kind meer gaan ondersteunen en stimuleren, bijvoorbeeld dat ze vaker positief reageren of meer praten met hun kind. Daardoor wordt de ontwikkeling van kinderen bevorderd
De keuze voor dit programma kadert binnen de stedelijke beleidsprioriteit 0-6 jaar (we verwijzen naar de beleidsnota Millimeterwerk) naar aanleiding van het Lokale Onderwijs Beleid in Genk.
Instapje is reeds uitgebreid in praktijk getest in verschillende Europese landen met positief resultaat.
Instapje voldoet aan de kenmerken die stimuleringsprogramma’s dienen te hebben om effectief te zijn













Inloopteam Kom’ma
Inloopteams in Vlaanderen streven naar preventieve, integrale en laagdrempelige opvoedingsondersteuning voor maatschappelijk kwetsbare (aanstaande) ouders met jonge kinderen in de leeftijd van 0-6 jaar. Methodisch gebeurt dit via onthaal- en ontmoetingsmogelijkheden, gesprekken en begeleiding, zowel individueel als in groep.
Met de inloopteams beschikt Kind en Gezin over een werkvorm die omwille van de specifieke opdracht, doelgroep en gehanteerde methodieken een versterking betekent van het aanbod inzake gezondheidsbevordering en opvoedingsondersteuning ten aanzien van maatschappelijk kwetsbare gezinnen.
Sinds 2002 startten er in Vlaanderen en in Brussel een 13 tal inloopteams. Eind 2009 kreeg vzw PAS het licht op groen om in Genk ook een inloopteam uit te bouwen samen met de centrumstad Leuven.
Een nieuw Genks inloopteam: Kom’ma
KOM’MA is een nieuw initiatief van vzw PAS dat belang hecht aan de organisatie van een gezellig onthaal en een ontmoetingsplaats voor kwetsbare of toekomstige ouders, samen met hun kinderen.
Kom’ma is letterlijk en figuurlijk een gezellige plek in het centrum van Genk (Grotestraat 21) waar ouders elke maandag-, woensdag- en vrijdagvoormiddag tussen 9.00u en 13.00u kunnen binnenlopen, alleen of samen met hun baby, peuter of kleuter. Steeds zorgen de medewerkers van het inloopteam voor een gastvrij en warm onthaal en wordt er tijd gemaakt voor een babbel terwijl de kinderen gezellig spelen of een dutje doen. Indien ouders - meestal moeders - vragen hebben over bevalling, ouderschap, gezondheid, huisraad of uitzet, voeding, ontwikkeling of opvoeding kunnen ze hier altijd terecht. Samen praten en samen dingen doen is hier de boodschap in een veilige, discrete en kindvriendelijke omgeving.
De individuele begeleiding van ouders met hulpvragen krijgen uiteraard ook aandacht; deze gesprekken kunnen ondersteunend, bemiddelend, zorgafstemmend of doorverwijzend van aard zijn.
‘t Vitamientje
Het kookproject ’t Vitamientje is een groepsgerichte opvoedingsondersteunende activiteit van het inloopteam. De ouders komen elke vrijdagvoormiddag samen met hun kind naar Kom’ma. Er is altijd een medewerkster beschikbaar die de kinderen opvangt en samen speelt. Op die manier krijgen de ouders de mogelijkheid om in groep te koken, te babbelen, te leren, te lachen en te discussiëren over allerlei onderwerpen die de revue passeren. Drukte alom, veel informatie, veel tips en ervaringsuitwisseling onderling tussen de moeders, veel leren door te zien bij de anderen, veel leren door voorbeeldgedrag van de begeleiding. Kortom: gezellig, leerrijk en effectief. Al doende leren ze groentepap, fruitpap of een budgetvriendelijke maaltijd klaar te maken. Deze kooksessies verenigen doel en middel om allerlei onderwerpen en/of (op)voedingssituaties op een veilige en ongedwongen manier aan bod te laten komen: de keuze van seizoensgebonden producten, de hoeveelheden en porties die kinderen op elke leeftijd nodig hebben, wie er thuis bepaalt wat, wanneer en hoeveel er gegeten worden, de organisatie van het huishouden, de link tussen voeden en opvoeden, de sfeer aan tafel, het voorbeeldgedrag van volwassenen, de hygiëne tijdens de voorbereiding en het klaarmaken van de maaltijd, wanneer wel of niet alleen laten eten,….Ontzettend veel onderwerpen die besproken worden tijdens het klaarmaken van het eten, maar ook tijdens de gezamenlijke eet- en opruimmomenten.
Occasioneel, in functie van bereik van zoveel mogelijk maatschappelijk kwetsbare jonge ouders wordt dit kookproject ook op modulaire basis elders aangeboden.
Dit kookproject gebeurt ism de diëtiste van het OCMW en bij specifieke vragen kunnen we rekenen op de samenwerking van Kind en Gezin.
Naast ’t Vitamientje organiseren we ook occasionele uitstapjes met de ouders en hun kinderen (speeltuinbezoek, groepsuitstap om zinvol, leuk en aantrekkelijk speelgoed/boekjes te kopen voor de Sint, kinderboerderij,…).
Ouders met specifieke vragen die deze liever niet in groep willen bespreken, krijgen ook steeds de ruimte en mogelijkheid tot individuele gesprekken. We voorzien psychisch én fysisch ruimte en tijd om deze ouders apart te ontvangen en te ondersteunen.
Speel’Wij, Babbel’ma en Instapuurtje: inloopteam in de Genkse buurten en wijken.
Kom’ma is het loket in het centrum maar tevens ook de verzamelnaam voor àlle inloopteamactiviteiten in de Genkse regio’s en in de verschillende wijken.
Via het inloophuis (loketfunctie) in het centrum van Genk en via diverse buurtprogramma’s in de verschillende Genske wijken proberen we aan de verschillende opdrachten en functies eigen aan een inloopteam te voldoen.
Meer specifiek gaat het hier om de volgende projecten en programma’s in de meest kansarme Genkse wijken:
•
Speel’Wij in Genk Zuid (Sledderlo en Kolderbos 42%)
•
Instapjuurtje in Noord en Oost (Waterschei 27%)
•
Babbel’ma en het Babbel’ma-moment in Genk West (winterslag 11%).
Gedetailleerde uitleg over deze werking vind je elders op deze site of op www.kom-ma.be en op www.instapje.be
Netwerkstuurgroep Inloopteam
Naast de medewerkers van het inloopteam is er een samenwerking met meerdere partners die deel uitmaken van het netwerk, verbonden aan vzw PAS. Sleutelpartners rondom dit specifiek thema en specifieke doelgroep zijn georganiseerd in een netwerkstuurgroep Inloopteam. Het gaat ondermeer over het OCMW, de Kraamzorg van het Wit Gele Kruis, CAW Sonar, de teamverantwoordelijke en regioverpleegkundigen van Kind en Gezin, Kind en Preventie, de opvoedingswinkel, Sint Vincentius en de huisartsenkring Prometheus. Deze netwerkstuurgroep komt 4 maal per jaar samen en heeft verschillende functies ten aanzien van het nieuwe project: ondersteuning en draagvlak, klankbord en reflectie, bekendmaking en toeleiding.
Plannen en toekomst
Samengevat is de werking van het inloopteam en de centrumwerking Kom’ma tot nu toe nog zeer pril en is er nog heel wat tijd en investering nodig om bekend te geraken bij het specifieke doelpubliek en vooral bij de toeleiders en onze netwerkpartners.
Naar de toekomst toe willen zeker nog meer werk maken om ook zwangere (tiener) moeders te bereiken. Gerichte netwerkontwikkeling uitbouwen met de Genkse huisartsen, de groepspraktijken, het ziekenhuis Oost-Limburg met zijn gynaecologen, kinderartsen, psycho-sociale hulpverlening, de verschillende mutaliteiten, het Sociaal Huis staat nog op de planning. Het bestaande netwerk rondom deze kwetsbare doelgroep zullen we nog sterker moeten betrekken en activeren. Afspraken omtrent toeleiding en ondersteuning dienen wederzijds gemaakt te worden.
Manager van je eigen bestaan
Nu reeds merken we dat de ouders die we bereiken zeer uiteenlopende verwachtingen en behoeften hebben. De ene ouder komt om andere ouders te zien, anderen hebben vooral nood aan een klankbord en individuele steun of informatie. Nog anderen vinden het aangenaam om aan de hand van praktische activiteiten nieuwe dingen te leren. Sommige ouders komen met specifieke opvoedingsvragen. Veel ouders hebben nood aan emotionele steun omwille van hun complexe leefsituatie. Doorheen de verschillende onthaal- en ontmoetingsmomenten komen regelmatig ‘overlevingsvragen’ naar boven. De levenscomplexiteit van heel wat ouders is van die aard, dat er naast opvoedings- en ontwikkelingsthema’s veel zorg en aandacht nodig is voor de integrale maatschappelijke, financiële en sociale context van deze gezinnen. Een gedifferentieerd en ‘betekenisvol’ aanbod opvoedingsondersteuning is hier een noodzaak en hierin willen we zeker nog groeien.Methodisch trachten we zoveel mogelijk de empowerende benadering te hanteren in al onze contacten en gesprekken met deze doelgroep. We trachten de verantwoordelijkheid maximaal bij de ouders zelf te laten in geval van het maken van belangrijke keuzes, in geval van het toelaten van hulpbronnen in hun leven, in geval van eventuele zorgafstemming of doorverwijzing.